Sitemap | Webwijzer| Help |
Bestuur en organisatie
Vrije tijd
Bouwen
Wonen en leefomgeving
Burgerzaken
Huisvesting
Openbaar domein
Nutsvoorzieningen
Milieu en afval
Reizen
Dieren
Leefomgeving
Welzijn en samenleven
Leren en onderwijs
Veiligheid en preventie
Verkeer en openbare werken
Werk en economie
Jeugd
Ouders
65+

Pensioen

Print deze pagina | A tot Z
| A A
Er zijn 3 klassieke stelsels
Werknemerspensioen
Loontrekkenden uit de privé-sector, niet-statutair personeel van gemeenten, provincies en ministeries (zowel arbeiders als bedienden)
Zelfstandigenpensioen
Personen die een zelfstandig of vrij beroep uitoefenen.
Ambtenarenpensioen
Statutair personeel van gemeenten, provincies en ministeries. Bij gemengde loopbanen zullen de verschillende stelsels worden toegepast.
 
Er zijn twee soorten van pensioen
Rustpensioen
Persoonlijk of gezinspensioen op basis van eigen prestaties.
Overlevingspensioen
Op basis van de prestaties van de overleden echtgenoot of echtgenote. Het brugpensioen (enkel voor de privé-sector) is een bijzonder statuut dat kan verkregen worden na ontslag door de werkgever. Als ex-werknemer ontvang je dan een werkloosheidsuitkering met een toeslag van de laatste werkgever. Een bruggepensioneerde kan niet vervroegd met pensioen.
 
Pensioenleeftijd-beroepsloopbaan
De pensioenleeftijd voor werknemer, zelfstandige en/of ambtenaar is 65 jaar. Voor vrouwen wordt deze leeftijd stapsgewijs opgetrokken. Vanaf 2009 is dat ook 65 jaar. Het vervroegd pensioen vanaf 60 jaar is gekoppeld aan een loopbaanvoorwaarde. Vanaf 2005 is dit 35 jaar. Als je niet aan de loopbaanvoorwaarde voldoet, kan je niet op vervroegd pensioen gaan.
 
Berekening
Vanaf de leefijd van 55 jaar kan je een formulier (af te halen bij de dienst bevolking in jouw gemeente) invullen om een raming te laten maken van uw pensioenbedrag. Je stuurt dit formulier naar de Infodienst Pensioenen, Postbus 175, 1060 Brussel.
De aanvraag
Als je op de wettelijke pensioenleeftijd op pensioen wil gaan, dan krijgt je automatisch een jaar op voorhand de formulieren toegestuurd van de pensioendiensten.

Als je vervroegd (vanaf 60 jaar) op pensioen wil gaan, moet je nog steeds een aanvraag doen bij de dienst bevolking van jouw gemeente. Dit ten vroegste 1 jaar voor de ingang van het pensioen.

Ambtenaren doen hun aanvraag bij de administratie waar ze het laatst gewerkt hebben.
Vraag in elk geval je pensioen aan, ook al heb je maar een korte tijd in een stelsel gewerkt.
 
Overlevingspensioen
Dit moet je zo vlug mogelijk na het overlijden van je echtgenoot/echtgenote aanvragen, indien je echtgenoot/echtgenote nog niet op pensioen was.
Het pensioen wordt maandelijks overgeschreven op een post- of bankrekening.
 
Mag je bijverdienen als gepensioneerde?
Elke gepensioneerde kan naast zijn pensioen nog wat bijverdienen. Als het inkomen dat hiermee wordt verdiend op jaarbasis lager blijft dan de wettelijk vastgestelde inkomensgrenzen, heef dat bijverdienen geen weerslag op de pensioenuitkering. Elke activiteit, hoe klein ook, moet je wel aangeven bij de instellingen die je pensioen uitbetalen.
 
Inkomensgarantie voor ouderen (IGO)
Deze uitkering biedt financiĆ«le hulp aan bejaarden met onvoldoende middelen. Vooraleer de Rijksdienst voor Pensioenen (RVP) de uitkering toekent, is er een onderzoek naar de bestaansmiddelen. 
 
Een pensioenaanvraag geldt ook als IGO-aanvraag. Als je al een pensioen ontvangt van werknemer of zelfstandige, een tegemoetkoming voor personen met een handicap, of het bestaansminimum, hoef je niets te doen. Het dossier wordt dan automatisch onderzocht. Als blijkt dat je recht hebt op de IGO, dan wordt deze toegekend met terugwerkende kracht.
 
Voor wie op 1 juni 2001 al het "gewaarborgd inkomen voor bejaarden" genoot, vergelijkt de RVP de twee bedragen. Je ontvangt dan de voordeligste uitkering.
 
Belangrijk! Om recht te hebben op de IGO moet je permanent in BelgiĆ« verblijven. Een verblijf in het buitenland (in één of meer keren) van minder dan 30 dagen per kalenderjaar is wel toegestaan.
 
Meer informatie: gratis nummer 0800 50 246.
Indienen van de aanvraag
De gerechtigde kan, zoals in de pensioenregeling, de aanvraag op 2 manieren indienen:
  • Bij het gemeentebestuur, waar hij/zij de hoofdverblijfplaats heeft.
  • Bij de Rijksdienst voor Pensioenen waar hij/zij zich persoonlijk (of via volmachtdrager) moet melden.